Professor Risley

In een tijd waarin de meeste mensen hun leven doorbrachten binnen vijftig kilometer van hun geboorteplek, trok Richard Risley Carlisle (1814–1874) de wereld rond. Zijn invloed is nog altijd voelbaar, niet enkel in de circuswereld.

Richard werd geboren in Bass River, New Jersey. Door een spraakgebrek was hij moeilijk te verstaan, maar dat weerhield hem er niet van het hoogste woord te voeren. Over zijn weg naar het circus weten we weinig. Rond 1840 duikt hij op als succesvol acrobaat, samen met zijn zoon John.

Waar circus destijds in Europa populair was bij de adel, werd het in de Verenigde Staten door de elite gezien als vulgair entertainment, nog lager dan het ook al dubieuze theater. Onder het volk was het echter razend populair. Als ‘Professor Risley’ ontwikkelde Richard een vorm van acrobatiek waarbij hij, geïnspireerd door antipodejongleurs, zijn zoons met zijn voeten de lucht in gooide. Hij maakte de discipline zo populair dat zijn naam er synoniem mee werd. Nog altijd wordt in Amerika soms niet over Icarische spelen, maar over de ‘Risley Act’ gesproken.

In Europa oogstte hij lof — kunstcriticus Théophile Gautier vond de dansers van de Franse opera in vergelijking met Risley “achterhaald en incompleet”. In Engeland speelde hij voor koningin Victoria, in Rusland won hij schaatswedstrijden, en in El Dorado trad hij op voor de goudzoekers. In onze tijd zou hij multimiljonair zijn geweest, maar hij gaf zijn geld net zo makkelijk weer uit, bijvoorbeeld aan de eerste bowlinghal van Engeland of het importeren van koeien naar Azië voor melkproducten – een plan dat strandde op wijdverbreide lactose-intolerantie.

Rond zijn veertigste begon hij een eigen gezelschap en ging op wereldtournee. Toen ziekte en desertie toesloegen koos hij een nieuwe richting: Japan. Dat land was, na eeuwen van afzondering, recent door militair machtsvertoon van de VS gedwongen zich open te stellen voor ‘vriendschappelijke handel’.

Risley’s gezelschap werd er het eerste westerse circus dat het publiek zag – vaak zelfs de eerste buitenlanders. Tegelijkertijd bestond er al een rijke Japanse traditie van acrobatiek, met unieke acts met tollen, zwaarden, kamerschermen en origamivlinders die met behulp van een waaier leken te vliegen. Risley kreeg toestemming om een groep Japanse artiesten mee naar het buitenland te nemen. Zij kregen de allereerste Japanse paspoorten.

Met zijn ‘Imperial Japanese Troupe’ reisde hij naar de wereldtentoonstelling in Parijs, waar ze een sensatie werden. Ook Nederland en Vlaanderen stonden op de route. In Japan inspireerden zijn optredens kunstenaars tot houtsnedes die nu als hoogtepunten gelden. In Europa leidden zijn optredens tot een enorme fascinatie voor Japan, een ontwikkeling die al heel snel navolging kreeg in het Japonisme binnen de beeldende kunst.

Na een leven vol avonturen stierf Richard eenzaam en berooid in een psychiatrische inrichting, vlak bij zijn geboorteplek. Maar zijn erfenis reikt tot in het heden. Als je een manga leest of een Pokémon vangt, bedenk dan: het begon ooit met een circusartiest.

Auteur: Harm van der Laan
Dit artikel verscheen in Circusmagazine #86 (mei 2026)