Woorden, woorden, woorden. Buiten het circus heeft het woord ‘circus’ vaak een negatieve bijklank van ‘ongeorganiseerd’, ‘chaotisch’, ‘luidruchtig’, ‘onprofessioneel’: het politieke circus, het mediacircus, het huishouden als een niet te managen circus… Daarnaast is er een ganse waslijst aan circusdiscipline gerelateerde woordenschat: er zijn bibliotheken vol te vinden over jongleren, acrobatie of bascule met elk hun terminologieën. Maar hoe spreken we over circus, tussen de regels van het spreekwoordelijke en de techniek?
Auteur: Liv Laveyne
Verscheen in de publicatie 'Circus & Woord' (2026)