Hoe het Nationaal Circus van Oekraïne in oorlogstijd blijft spelen, bewaren en opleiden.

Interview met Vladyslav Kornienko en Olena Kyrychenko-Povolotska

Pandemie, invasie, luchtalarm, stroomonderbrekingen. Sinds Vladyslav Kornienko in 2019 algemeen directeur werd van het Nationaal Circus van Oekraïne, volgde de ene crisis de andere op. Toch speelt het circus in Kyiv door, leidt het jong talent op en zorgt het voor zo’n zestig dieren. Ondertussen haalt museumhoofd Olena Kyrychenko-Povolotska het erfgoed van het Oekraïense circus naar boven. Een gesprek met beiden over overleven, bewaren en doorgeven.

Eind februari 2022 rijdt een kleine ploeg van het circus langs checkpoints naar de rand van Kyiv, richting Irpin en Boetsja. Ze zoeken vlees, hooi en houtkrullen, want in het circusgebouw wachten tijgers, paarden, stekelvarkens en vogels op eten. Eén keer verlaten ze Irpin ongeveer een uur voor de Russische troepen er binnenvallen. “Rondom je wordt gevochten, en circusmedewerkers proberen voedsel te vinden voor tijgers”, zegt Kornienko. “Maar we konden de dieren niet aan hun lot overlaten.”

Wie bleef, moest een complex van zo’n 14.500 vierkante meter draaiende houden, met een zaal voor 1.904 toeschouwers, ateliers, een orkest en een museum met meer dan 3.000 stukken. “En vooral de mensen, zonder wie dit alles niet meer zou zijn dan een gebouw.”

Foto: Vladyslav Kornienko in het circusgebouw

Een instelling leeft zolang ze kan veranderen

Kornienko nam de leiding over kort voor de coronapandemie. “We waren gewend om seizoenen te plannen, producties te maken en met publiek te werken. Plots werkte niets meer van wat de dag ervoor nog stabiel leek.” Achteraf bleek die crisis een voorbereiding op een veel zwaardere beproeving. “De pandemie stelde de vraag of we konden blijven werken. De oorlog stelde de vraag of de instelling zou blijven bestaan.”

“Een instelling blijft leven zolang ze in staat is te veranderen.”

Wachten tot de oorlog voorbij was, kon niet. “Een instelling blijft leven zolang ze in staat is te veranderen.” Vandaag is het circus niet langer alleen een plek voor voorstellingen, maar een centrum dat professionele artiesten, jeugdstudio’s, opleidingen, onderzoekers en publiek samenbrengt. “Erfgoed bestaat niet alleen uit gebouwen en museumstukken. Het is ook een levende traditie: de kennis van vakmensen en artistieke scholen die, eenmaal verloren, niet meer terugkomen. Daarom moesten we eerst en vooral het circus zelf in leven houden.”

Geen heldendom ten koste van de veiligheid

Sommige medewerkers sloten zich aan bij de verdediging van Oekraïne. Enkelen zijn gesneuveld, anderen worden vermist. “Dat zijn verliezen die je niet in personeelscijfers kunt uitdrukken.” Tegelijk kan een circusartiest niet maandenlang stoppen met trainen. Het hervatten van repetities en voorstellingen was dus ook belangrijk voor de artiesten zelf. Stap voor stap bouwde het circus zijn ensemble opnieuw op, van acrobaten tot balletgezelschap, orkest en technische ploegen. “Mensen blijven waar ze zin zien in hun werk. En vandaag is die zin voor ons bijzonder duidelijk.”

Circusartiesten werken altijd al met risico, fysieke inspanning, concentratie en vertrouwen in hun partners. Daar komen nu luchtalarmen, raketaanvallen, het verlies van dierbaren en onzekerheid over morgen bij. Het circus heeft een uitgebreid systeem van schuilkelders en vaste procedures bij luchtalarm. Bij gevaar gaat de veiligheid van mensen altijd voor. “We kunnen niet doen alsof de oorlog geen invloed heeft op iemands psychisch welzijn.”

“Onze taak is niet alleen de voorstelling te bewaren, maar vooral de mens die ze maakt.”

“We spreken vaak over circustherapie voor het publiek. Maar creativiteit is ook voor de artiest een bron van innerlijke veerkracht, al kan kunst professionele psychologische hulp niet vervangen. Een artiest mag nooit het gevoel hebben dat er heldendom van hem verwacht wordt ten koste van zijn eigen veiligheid. Onze taak is niet alleen de voorstelling te bewaren, maar vooral de mens die ze maakt.”

Zestig dieren en een verantwoordelijkheid

Over dieren in het circus wordt in Europa volop gedebatteerd, en Kornienko begrijpt waarom. “De houding tegenover dieren verandert, en de circuskunst kan niet buiten dat proces blijven.” Wel wil hij twee vragen uit elkaar houden: de toekomst van dieren in de circuskunst, en de verantwoordelijkheid tegenover dieren die er al decennia leven.

Op het terrein leven zo’n zestig dieren permanent. Sommige zijn er geboren. Het circus koopt geen nieuwe dieren aan en kweekt niet. Explosies, lawaai en stroomonderbrekingen laten ook bij hen sporen na. Met een deel van de opbrengst van een tournee in Frankrijk kocht het circus een generator, een beslissing die tijdens de herhaalde black-outs cruciaal bleek.

“Voor mij is het belangrijk dat het publiek circus in de eerste plaats als kunstvorm ziet, en niet als een vertoning van dieren.” Elke verandering moet wel gepaard gaan met echte zorg voor levende wezens, “niet louter met intentieverklaringen”.

Foto: dierenverzorging in het circus

Acrobaten op de muren van de Sint-Sofia

Een instelling in leven houden is één ding, haar geschiedenis bewaren iets anders. Dat is het terrein van Olena Kyrychenko-Povolotska. In oorlogstijd krijgt erfgoed volgens haar een betekenis die ver voorbij de kunsten reikt. “Het gaat niet alleen om gebouwen, voorwerpen of archieven. Het gaat om het recht van een samenleving op haar eigen geschiedenis. Om het vermogen om aan volgende generaties niet alleen de herinnering aan tragedies door te geven, maar ook het bewijs van wat we cultureel hebben verwezenlijkt.”

Die geschiedenis gaat ver terug. In de Sint-Sofiakathedraal in Kyiv zijn elfde-eeuwse fresco’s bewaard gebleven met muzikanten en acrobaten. “Die beelden kun je niet zomaar gelijkstellen met het moderne circus”, waarschuwt ze. “Maar ze tonen dat tradities van publieke voorstellingen hier diepe wortels hebben, in wisselwerking met de Europese cultuur.” Uit volksspektakels en rondtrekkende artiesten groeiden later vaste circusgebouwen, professioneel onderwijs en eigen artistieke scholen.

Foto: elfde-eeuwse fresco’s in de Sint-Sofiakathedraal in Kyiv

“Het Oekraïense circus is een traditie gecreëerd door echte mensen: generaties artiesten, beeldend kunstenaars, regisseurs en pedagogen. We bewaren ons erfgoed niet om het verleden te bevriezen, maar om de Oekraïense kunst een toekomst te geven.”

Een piste tussen de schilderijen

Voor het tweede jaar op rij bracht het museum zijn collectie naar de Nationale Academie voor Kunsten van Oekraïne. In ‘Performative Art. Circus’ hangen schilderijen van Oekraïense kunstenaars naast historische affiches, kostuums en archiefbeelden. In het midden ligt een echte piste, waar artiesten live optreden. Op de openingsavond, half oktober, brachten mimespelers en acrobaten de affiches en kostuums letterlijk tot leven. “Circus verdient dezelfde kunsthistorische aandacht als theater, muziek of de beeldende kunsten. In deze tijden meer dan ooit.”

Foto: tentoonstelling in de piste

“We wilden dat mensen circus zien als een volwaardige stem in het culturele debat.”

“Een museumstuk laat je kennismaken met het werk van vorige generaties. Een livevoorstelling laat je de kunst zelf ervaren: beweging, risico, concentratie, de onmiddellijke aanwezigheid van een ander mens.” Geen foto of video kan dat volledig vastleggen. “Daarom heeft circus niet alleen archieven nodig, maar ook levende overdracht van generatie op generatie. We hebben niet zomaar een piste in de Academie gezet. We wilden dat mensen circus zien als een volwaardige stem in het culturele debat.”

Geen anoniem fragment van een Sovjetsysteem

Een groot deel van de Oekraïense circusgeschiedenis speelde zich af binnen de Sovjet-Unie. Dat systeem bracht uitgebreid circusonderwijs voort, en Oekraïense artiesten verwierven er internationale erkenning, geeft Kyrychenko-Povolotska toe. “Maar de verwezenlijkingen van nationale culturen werden vaak voorgesteld als prestaties van één Sovjetkunstschool. Onze taak is niet om een periode uit de geschiedenis te wissen, maar om namen, herkomst en auteurschap in ere te herstellen.”

Foto: affiche

Bij elk affiche of programma uit het archief stelt haar team dezelfde vragen: wie maakte dit, waar werd die artiest opgeleid, welke tradities speelden mee? “Identiteit zit ook in artistiek denken, in de opbouw van een act, in de dramaturgie. We mogen de geschiedenis van onze artiesten niet verloochenen omdat ze in het Sovjettijdperk werkten. Maar we moeten hen erkennen als Oekraïense kunstenaars.” Onderzoek naar die geschiedenis moet volgens haar steunen op documenten, ooggetuigenverslagen, professionele expertise en een open academisch debat.

“We mogen de geschiedenis van onze artiesten niet verloochenen omdat ze in het Sovjettijdperk werkten.”

Talent dat in Oekraïne blijft

Een circusartiest maak je niet van vandaag op morgen. “Als de opleiding van jonge artiesten vandaag stilvalt, voelen we de gevolgen binnen enkele jaren in het professionele circus”, zegt Kornienko. Het Nationaal Circus onderhoudt daarom contact met meer dan dertig circusstudio’s en organiseert wedstrijden, masterclasses en fora. Daarnaast bouwt het aan de Kleine Piste, een ruimte voor repetities, les en creatie.

Op 8 en 9 oktober brachten jonge artiesten uit heel Oekraïne 124 acts op de Golden Gates Cup, een nationaal festival voor jong circustalent. Voor velen was het hun eerste optreden in een professionele piste. “Achter die cijfers zitten kinderen en jongeren die blijven trainen ondanks luchtalarmen, ontheemding en moeilijke levensomstandigheden”, zegt Kornienko.

“In vredestijd hadden we het vooral over het artistieke niveau gehad”, zegt Kyrychenko-Povolotska. “Nu bepalen heel andere omstandigheden of een evenement überhaupt kan plaatsvinden. Maar voor een kind dat jarenlang in een circusschool heeft getraind, kan het betreden van de belangrijkste piste van het land een bepalende ervaring zijn. Het kind beseft dan dat zijn talent een toekomst heeft.”

Foto: jonge artiesten op de Golden Gates Cup

“Wanneer een land in oorlog is, is de kans voor een kind om te leren, op te treden en te dromen al een buitengewone prestatie.”

Drie winnaars staan intussen naast professionele artiesten in de voorstelling ‘Halloween in het circus’. “Een festival mag niet eindigen bij de prijsuitreiking. Wanneer een land in oorlog is, is de kans voor een kind om te leren, op te treden en te dromen al een buitengewone prestatie.”

Een cirkel van geluk

Ook het publiek is veranderd. Naast gezinnen met kinderen zitten er nu ook ontheemden, militaire gezinnen, mensen in revalidatie en jongvolwassenen in de zaal. Vooral ouderen ontdekten het circus als ontmoetingsplek, met een enthousiasme dat niemand had verwacht. “Circus geeft de ervaring van direct menselijk contact terug”, zegt Kornienko. “Wanneer bijna tweeduizend toeschouwers samen hun adem inhouden bij een moeilijke toer en daarna in applaus uitbarsten, ontstaat er een bijzonder gemeenschapsgevoel. Daarom noem ik circus een cirkel van geluk.” Dat ontkent de tragedie rondom hen niet, voegt hij eraan toe. “Het biedt de kans om, hoe kort ook, deel uit te maken van een levende, verenigde samenleving.”

“Daarom noem ik circus een cirkel van geluk.”

Kyrychenko-Povolotska ziet hetzelfde op de tribunes. “De mensen hebben verschillende meningen, spreken soms verschillende talen. Toch lachen ze samen om dezelfde clown. Het is iets eenvoudigs, maar buitengewoon belangrijks: samen zijn.”

Foto: publiek

Brood en spelen, omgekeerd

Bijna tweeduizend jaar geleden schreef de Romeinse dichter Juvenalis zijn beroemde panem et circenses, brood en spelen: een sneer naar een samenleving die haar interesse in het publieke leven verloor zolang ze maar eten en spektakel kreeg. Kyrychenko-Povolotska ziet in het Oekraïne van vandaag bijna het omgekeerde. “In plaats van mensen af te leiden van het publieke leven, kan het circus hen samenbrengen.”

Bij luchtacrobatiek ligt de veiligheid van een artiest letterlijk in de handen van zijn partner. Zonder vertrouwen is er geen act. “Ik zie daarin een metafoor voor een democratische samenleving. Individuele vrijheid staat niet tegenover verantwoordelijkheid voor anderen. Ze hangt ervan af.”

“Vreugde betekent geen onverschilligheid tegenover de tragedie. Een paar uur in een ruimte vol schoonheid en menselijk contact helpt mensen de kracht te bewaren om verder te leven. Zeker kinderen mogen hun kindertijd niet kwijtraken omdat de wereld van de volwassenen de vrede niet heeft kunnen beschermen.”

Daarom ziet ze het circus niet louter als een culturele instelling, maar als een ruimte binnen de samenleving. “Democratie bestaat niet alleen in politieke instellingen. Ze bestaat overal waar mensen vrij zijn om elkaar te ontmoeten, te creëren en zich deel te voelen van een gemeenschap.”

Cultureel verzet, geen politieke doctrine

Kan circus neutraal blijven in oorlogstijd? Het mag geen instrument zijn van een partij of van individuele politici, vindt Kornienko. “Maar kan een culturele instelling onverschillig blijven wanneer haar land gewapenderhand wordt aangevallen? Volgens mij niet.” Wanneer artiesten blijven werken tijdens luchtalarmen en black-outs, is dat voor hem een vorm van cultureel verzet. “Circus spreekt over universele menselijke gevoelens. We verdedigen geen politieke doctrine, maar het recht van mensen op hun eigen cultuur, kunst, vreugde en toekomst.”

“We verdedigen geen politieke doctrine, maar het recht van mensen op hun eigen cultuur, kunst, vreugde en toekomst.”

Wederzijdse uitwisseling

Kunnen Europese circusmakers iets leren van hun Oekraïense collega’s? Kyrychenko-Povolotska waarschuwt voor romantisering. “Van buitenaf lijkt onze veerkracht soms heroïsch. Maar daarachter zitten uitputting, verlies en elke dag moeilijke beslissingen. Ik spreek liever over wederzijdse professionele uitwisseling. Solidariteit moet niet alleen uit steunbetuigingen bestaan, maar uit concrete partnerschappen: gezamenlijke projecten, residenties, uitwisselingen. Kunst kan een oorlog niet stoppen. Maar ze kan verbindingen tussen mensen bewaren, precies wanneer geweld die probeert te vernietigen.”

“Solidariteit moet niet alleen uit steunbetuigingen bestaan, maar uit concrete partnerschappen.”

Ook Kornienko wil dat Oekraïne niet alleen gezien wordt als een land dat hulp nodig heeft. “We willen niet alleen steun ontvangen, maar samen culturele waarde creëren.”

“Niet alles is snel met geld te herstellen”

In Vlaanderen moet cultuur opnieuw zwaar inleveren, met besparingen van 47 miljoen euro. Vooral de erfgoedsector wordt hard getroffen. “De situaties in Oekraïne en Vlaanderen zijn uiteraard niet te vergelijken”, zegt Kyrychenko-Povolotska. “Oekraïense culturele instellingen werken in een grootschalige oorlog, met fysieke dreiging, verlies van infrastructuur en voortdurend gevaar voor mensenlevens. In Vlaanderen gaat het om budgettaire beslissingen binnen een democratische staat, waar publiek debat mogelijk is en burgers het cultuurbeleid kunnen beïnvloeden. Toch is er één vraag die beide verbindt: wat vindt een samenleving waardevol genoeg om te beschermen, ook in moeilijke tijden?”

Foto: archief museum

“De resultaten van behoudswerk zijn niet altijd in onmiddellijk economisch rendement te meten. Een museummedewerker kan jarenlang een object onderzoeken waarvan de betekenis pas decennia later volledig duidelijk wordt.”

“Wie snoeit in musea en archieven, verliest veel meer dan jobs of programma’s.”

“Wie snoeit in musea en archieven, verliest veel meer dan wat jobs of programma’s. Je verliest kennis, onderzoekservaring, de draad tussen generaties. Een gebouw kun je herstellen, materiaal kun je vervangen. Maar verloren expertise of een levende traditie opnieuw opbouwen, dat duurt soms generaties. Cultuur is infrastructuur. Ik hoop dat Europese landen hun culturele instellingen beschermen nu het nog kan, voordat herstel veel moeilijker en duurder wordt. Oekraïne heeft ons een simpele maar pijnlijke les geleerd: wat een samenleving het meest waard is, koop je niet zomaar terug. Erfgoed is niet alleen wat we geërfd hebben. Het is wat we moeten doorgeven aan wie na ons komt.”

Ook Kornienko waarschuwt ervoor cultuur louter economisch te bekijken. “Culturele instellingen zijn niet zomaar organisaties die publieke middelen verbruiken. Ze creëren sociale banden, bewaren het historische geheugen en vormen culturele identiteit.” De oorlog heeft getoond dat cultuur geen bijzaak is die je kunt uitstellen tot betere tijden. “Net in tijden van de grootste omwentelingen heeft een samenleving kunst nodig om haar menselijkheid, gemeenschapszin en hoop te bewaren.”

Foto: het gebouw van het Nationaal Circus van Oekraïne in Kyiv

“Cultuur is geen luxe die een samenleving zich alleen in vredige en welvarende tijden kan veroorloven.”

Het Nationaal Circus is voor hem dan ook meer dan een gebouw, al is het een uniek architecturaal monument. Het is een levend organisme, een thuis voor artiesten, muzikanten, regisseurs, kunstenaars, docenten en technici. Een plek waar een kind voor het eerst kunst ontmoet en misschien zijn roeping ontdekt. “Cultuur is geen luxe die een samenleving zich alleen in vredige en welvarende tijden kan veroorloven. Ze is een van de fundamenten van haar veerkracht. We bewaren het circus niet omdat we de oorlog niet zien. We bewaren het net omdat we zo goed begrijpen wat we kunnen verliezen.”

Performative Art. Circus is nog te zien tot en met 23 november 2026 in de Nationale Academie voor Kunsten van Oekraïne, Bulvarno-Kudriavska 20, Kyiv.

Auteur: Liv Laveyne

Laatste update
04/11/2026